Een deel van het waterverlies is normale verdamping: aan de Costa Blanca verdwijnen in de zomer al enkele millimeters per dag zonder dat er iets mankeert. Gaat het verlies daar duidelijk bovenuit, richting een centimeter per dag of meer, dan wijst het op een lek.
Het verschil stelt u zelf vast met een emmerproef. Daarna verraadt het waterpeil vaak al waar het zit: zakt het ook met de pomp uit, dan verliest de schaal zelf water, en stopt het zakken op een vaste hoogte, dan zit het lek precies daar.
Veelvoorkomende plekken zijn de skimmer en inlaten, de afdichtingen rond verlichting, scheuren in bodem of wand, en de leidingen. Het leidingwerk hoeft u niet zelf uit te sluiten: bij ieder zwembad bieden wij standaard een druktest aan, uitgevoerd door een daarin gespecialiseerd bedrijf.
Het exact lokaliseren van een verborgen lek is vakwerk. Houd in elk geval deze volgorde aan: eerst meten hoeveel water er werkelijk verdwijnt, dan bepalen of het verlies in het bad of in het leidingwerk zit, en pas daarna repareren.
Dit doen wij zelf aan de Costa Blanca: zwembad renovatie
Hoeveel verdamping is hier normaal
Zon, warmte en vooral wind laten hier veel water verdampen. In de zomer verliest een bad zonder enig mankement al enkele millimeters per dag, en harde wind, warm water, lage luchtvochtigheid en een onafgedekt bad maken dat meer.
Reken millimeters om naar liters via het wateroppervlak: één millimeter daling is één liter per vierkante meter. Een bad van 8 bij 4 meter heeft 32 vierkante meter oppervlak, dus 3 millimeter per dag is bijna 100 liter. Een afdekking houdt het grootste deel daarvan binnen en is meteen een test: zakt het peil onder een zeil toch snel door, dan is verdamping niet de verklaring.
De emmerproef stap voor stap
Met deze stappen stelt u zelf vast of uw bad meer verliest dan verdamping alleen:
- Zet een emmer op de eerste traptrede, zo diep dat hij blijft staan maar niet omvalt, en vul hem met zwembadwater tot ongeveer vijf centimeter onder de rand.
- Markeer met een watervaste stift twee streepjes: het waterniveau binnen in de emmer en het waterniveau van het zwembad aan de buitenkant van de emmer.
- Laat alles vierentwintig uur staan. Zet de pomp op zijn normale programma, gebruik het zwembad niet en dek het niet af, want anders meet u iets anders dan de gewone situatie.
- Vergelijk daarna de twee streepjes. Zakken beide even veel, dan is er niets aan de hand en verdampt uw water gewoon. Zakt het zwembad duidelijk verder dan de emmer, dan verliest u water dat er niet uit hoort te gaan.
- Herhaal de proef bij twijfel nog een keer op een dag zonder wind. Wind versnelt de verdamping aan het wateroppervlak sterker dan in de emmer en kan de uitkomst vertekenen.
Pomp aan of pomp uit, dat vertelt u waar u moet zoeken
Doe de proef daarna nog een keer, maar dan met de installatie helemaal uit. Het verschil tussen die twee metingen wijst u vaak al de goede kant op.
Verliest het zwembad vooral water terwijl de pomp draait, dan staat er druk op de leidingen en perst het water zich naar buiten op een plek waar een koppeling of een leiding niet meer dicht is. Dat zit bijna altijd in de persleiding tussen de installatie en de inlaten.
Zakt het peil ook met alles uit, dan zit het lek in de schaal zelf of in een onderdeel dat op waterhoogte zit, zoals de skimmer of een lampdoorvoer. Zakt het bij pomp uit én pomp aan ongeveer even snel, dan is er iets in de schaal en heeft het weinig met de installatie te maken.
Let ook op waar het zakken stopt: water blijft staan op de hoogte van het lek. Net onder de lamp wijst naar de lampnis, onder de skimmer naar die aansluiting, en doorlopen tot de bodem naar iets laag in de schaal.
De leidingen testen wij standaard met een druktest
Twijfelt u tussen de schaal en het leidingwerk, dan hoeft u dat niet zelf uit te zoeken. Bij ieder zwembad bieden wij standaard een druktest aan: een daarin gespecialiseerd bedrijf zet de leidingen stuk voor stuk onder druk. Houdt een leiding de druk niet vast, dan zit het lek in die leiding.
Zo staat vooraf vast of het probleem in de schaal zit of in het leidingwerk, voordat er iets wordt opengebroken of afgewerkt. Dat voorkomt de duurste fout bij lekkage: repareren op de verkeerde plek.
De plekken waar een lek meestal blijkt te zitten
De skimmer is verreweg de meest voorkomende plek. De verbinding tussen de kunststof skimmerbak en het beton eromheen werkt met de temperatuurwisselingen mee en scheurt op den duur open. U ziet dat vaak niet omdat het achter de tegelrand zit.
Daarna komen de doorvoeren voor de verlichting. De afdichting rond een lamp is een rubber dat na tien tot vijftien jaar hard wordt. Ook de inlaatmondstukken en de bodemafvoer zijn plekken waar de afdichting het opgeeft.
In de schaal zelf gaat het meestal om haarscheuren, vaak in een hoek of langs de trap. Die ontstaan doordat het beton werkt en de tegellijm of het voegwerk die beweging niet meemaakt. Bij een betegeld zwembad hoeft het water niet eens door een zichtbare scheur te lopen: het kruipt achter de tegels langs de voegen naar beneden. Let daarbij ook op de overgang tussen bodem en wand: die hoek vangt de meeste spanning op en scheurt het vaakst. Bij een liner zijn het de naden en lasnaden.
Tot slot de leidingen in de grond. Die zijn het lastigst omdat u niets ziet. Een natte plek in de tuin die niet opdroogt, of gras dat op één strook harder groeit, is soms het enige spoor.
Wanneer het geen lek is
Een tegenspoelbeurt van het filter kost al gauw enkele centimeters waterhoogte. Wie wekelijks spoelt en dat meerekent als verlies, jaagt op een lek dat er niet is.
Ook spatwater telt op. Een zwembad waar kinderen dagelijks in spelen verliest merkbaar meer dan hetzelfde zwembad dat er stil bij ligt. En een automatische bijvulling maakt het verraderlijk: die vult onopgemerkt bij, waardoor u het verlies pas ziet op uw waterrekening.
Controleer daarom altijd eerst hoeveel er wordt gespoeld, of er wordt bijgevuld, en hoe intensief het zwembad wordt gebruikt. Pas als dat allemaal klopt en het water blijft zakken, is er reden om verder te zoeken.
Een lek dichten met kit of afdichtmiddel houdt zelden
De meest gemaakte fout is plaatselijk dichtsmeren: kit in een voeg, een scheur uithakken en vullen, een afdichtingsmiddel in het water, of het hele bad opnieuw voegen. Het lek is dan even weg en komt weken of maanden later een paar meter verderop terug.
Dat komt doordat de oorzaak zelden op één punt zit. Een bad met tegelwerk heeft honderden meters voeg, en die voegen zijn de afwerking, niet de waterdichting. Werkt de schaal door temperatuurverschillen, druk van buitenaf of lichte zetting, dan verplaatst die beweging zich naar het eerstvolgende zwakke punt zodra u er één afsluit. U dicht geen lek, u verlegt het.
Wachten maakt het duurder
Een lek is zelden alleen een waterprobleem. Het water dat wegloopt neemt zand en grond mee onder de schaal vandaan. Daardoor gaat het zwembad ongelijk zakken en groeit een haarscheur uit tot een echte scheur.
Daar komt bij dat vochtig beton uw wapening aantast en dat wegzakkend water met chloor de grond eromheen verzadigt. En er loopt dagelijks geld weg: bij elke bijvulling betaalt u opnieuw de chemie om de balans te herstellen en, bij een verwarmd bad, opnieuw het opwarmen van koud leidingwater.
Verliest u meer dan ongeveer een centimeter per dag, dan is het verstandig om niet op het einde van het seizoen te wachten.
Repareren of in één keer waterdicht maken
Bij één duidelijk aanwijsbaar lek, bijvoorbeeld een versleten afdichting rond een lamp, is een gerichte reparatie prima. Dan hoeft er niets anders te gebeuren.
Is er meer dan één lek, of loopt het water achter de tegels langs zonder dat u kunt aanwijzen waar, dan wordt gericht repareren dweilen met de kraan open. Elke keer dat u één plek dichtmaakt, zoekt het water de volgende zwakke plek op.
In dat geval is een naadloos gespoten polyurea-membraan de aanpak die de oorzaak wegneemt: geen voegen, geen overlappingen, geen lasnaden. Het membraan blijft elastisch en overbrugt beweging in de ondergrond.
De opbouw: eerst herstel van oude lagen, scheuren en oneffenheden, waar nodig met een egalisatielaag van cementgebonden mortel, ongeveer 15 kilo per vierkante meter voor een laag van een centimeter. Daarna een hechtprimer voor onderdompeling in twee lagen, samen ongeveer 500 gram per vierkante meter, die tegelijk als dampscherm werkt. Daarop het gespoten membraan, ongeveer 2 kilo per vierkante meter in één doorgaande laag, einddikte minimaal 3 millimeter. Tot slot een UV- en slijtlaag voor zwembaden, in twee lagen met de roller, samen ongeveer 400 gram per vierkante meter.
Een complete renovatie duurt gemiddeld 5 tot 10 werkdagen; het spuiten zelf is werk van een dag. Na zeven dagen mag het bad worden gevuld. Op waterdichtheid en hechting geldt tien jaar garantie. De verwachte levensduur ligt op vijftien tot vijfentwintig jaar, al is dat een verwachting en geen belofte.
Wanneer coaten niet het antwoord is
Een coating maakt de binnenkant van de schaal waterdicht, en niet meer dan dat. Zit het lek in leidingwerk buiten de schaal, in de grond of in de techniekruimte, dan verandert coaten daar niets aan.
Ook bij een constructie die nog zet is wachten verstandiger, net als bij dilatatievoegen die niet als zodanig worden behandeld. Datzelfde geldt bij waterdruk van buitenaf: drukt hoog grondwater tegen de schaal, dan moet dat eerst worden opgelost. En soms is de schaal op: een constructie die bezwijkt, een gescheurde prefab schaal van polyester of een opzetbad met dunne wand vraagt om herstel of vervanging.
Rustig beginnen bij het begin
Waterverlies voelt urgent, maar bijna nooit hoeft er dezelfde dag iets te gebeuren. Meet eerst een paar dagen hoeveel water er werkelijk verdwijnt, doe de emmerproef en noteer of het peil anders reageert met de pomp aan of uit.
Wilt u dat wij meekijken, stuur dan een paar foto's van het bad, van de skimmer en van de hoogte waarop het peil blijft staan. Wij beoordelen de situatie ter plaatse of aan de hand van die foto's en sturen een offerte binnen 24 uur.
Klaar voor een waterdichte oplossing?
Vraag vrijblijvend een offerte op maat aan. Wij reageren binnen 24 uur.
Vraag gratis offerte aan